Uit het leven gegrepen

Op 12 juni 1672 stond één van de grootste vorsten uit de Europese geschiedenis op de Elterberg met uitzicht op Rijn. Het was niemand minder dan Lodewijk de Veertiende, bijgenaamd de Zonnekoning. Met een enorme legermacht van 130.000 man was de Franse vorst richting het steenrijke Holland getrokken. Zijn grootste triomf vierde Lodewijk de Veertiende in de Liemers, bij Lobith. Daar stak het Franse leger de Rijn over. De gebeurtenis is nog altijd terug te…

Reformatie

reactiedatum 1570-1650
De beweging van de reformatie ging tot omstreeks 1570 grotendeels aan de Liemers voorbij. In het Kleefse deel van de Liemers (het ambt Lymers) bleven de meeste gelovigen trouw aan de oude kerk en haar gebruiken. Slechts een enkeling sympathiseerde met wat de beweging van de refor-matie voorstond.
"Wy Willem, here van den Berghe ende van Bilant, ridder, maecken condt allen luyden ende bekennen in desen apenen brieff…", zo begint de stadsbrief, waarmee Willem, heer van den Bergh, op 8 september 1379 aan ’s-Heerenberg stadsrechten geeft. Het is tot dan toe een kleine nederzetting: een paar huizen aan de voet van de burcht van de heren van Bergh in een zeer moerassig gebied. Ter bescherming is de nederzetting omgeven door een aarden wal,…
Bijna alle gewesten in het tegenwoordige Nederland zijn ontstaan rond het jaar 900 of zelfs al eerder. Dat geldt niet voor de beide graafschappen/hertogdommen die de geschiedenis van de Liemers bepaalden. Gelre en Kleef waren laatkomers.
de rivieren hadden vóór 1300 vrij spel in de liemers. bekend is, dat de romeinen al in het begin van onze jaartelling waterwerken hebben laten aanleggen. het ging hen niet zo zeer om de bescherming van dit gebied maar vooral om hun troepen beter te kunnen verplaatsen. een bekende naam in dit verband is de romeinse veldheer drusus.
Veel plaatsen in de Liemers werden al sinds de laat-Romeinse tijd bewoond. Maar wanneer werd er voor het eerst gesproken en geschreven over de Liemers? De oudste bekende vermelding staat in een akte uit 838. De voorganger van de naam Liemers wordt daarin genoemd. Er wordt gesproken van Pagus Leomerike. In deze bron uit de negende eeuw lezen we ook de eerste vermeldingen van een aantal andere plaatsen in de Liemers.
Vanaf het eind van de zevende eeuw kwamen uit Engeland en Ierland afkomstige missionarissen, naar onze streken om de ‘heidense’ Friezen en Saksen te bekeren tot het christendom. Zij werden daarbij gesteund door de christelijke Franken. De Franken wonnen uiteindelijk de oorlogen tegen de Friezen en de Saksen. De Lage Landen vielen vanaf dat moment onder het bewind van de Frankische koningen. Het duurde tot omstreeks het jaar 1000 voordat alle ‘heidense’ bewoners ook daadwerkelijk…
Rookpluimen stijgen hier en daar op van boerenhoeven, verspreid over heide en woeste grond. In de vele veldovens rond de heuvels van het Montferland (dat veel later pas die naam krijgt) wordt ijzer gesmolten. Het ijzer wordt gevonden in de heuvels in de vorm van klapperstenen. Omdat de bomen gebruikt worden voor houtskool zijn de heuvels vrijwel kaal. Zo ziet het Liemerse landschap er meer dan 1000 jaar geleden uit. Tot rond het jaar 1000…

De Romeinse limes in de Liemers

reactiedatum ca. 45 n.Chr. ca. 300 n.Chr.
De Liemers lag meer dan vier eeuwen aan de rand van het Romeinse Rijk. De komst van de Romeinen met hun technologische en maatschappelijke verworvenheden bracht enorme veranderingen met zich mee. De Rijn vormde lange tijd de grens van het Romeinse Rijk en één van de bijbehorende Romeinse forten lag bij Herwen. Dit fort droeg de naam "Carvium ad molem", wat betekent "Herwen aan de dam". Hiermee wordt de Drususdam bedoeld, die de waterverdeling tussen…
Vroeger, toen men niet zo mobiel was als tegenwoordig, sprak men het dialect van de eigen omgeving. Eeuwenlang waren dialecten standaardtaal en werd de taal van de overheid slechts door enkelen gesproken.
Hebt je dat ook wel eens? Een opvallend, merkwaardig gebouw zien en dan van je fiets stappen om te kijken? In Didam staat nog genoeg. Aan de Dijksestraat bijvoorbeeld. Daar staat een huis met trapgevels uit 1921. Het was ooit de burgemeesterswoning.
In de Liemers kom je geen bijzondere bouwstijlen tegen. In Angerlo staat nog de zuivelfabriek of ‘botterfabriek’’. Het voorgebouw is in 1930 in Amsterdamse Stijl opgetrokken. De geschiedenis gaat veel verder terug, want de Coöperatieve Angerlose Zuivelfabriek was er al in 1894.
Bas van Ditshuizen (1971) vertelt over de invloed die hij heeft waargenomen, van het bombardement op Zevenaar, op zijn eigen opvoeding. Zijn vader was op dat moment 2,5 jaar en verloor bij dit bombardement zijn moeder, dus de oma van Bas, en 2 zusjes. Het opgroeien zonder moederliefde heeft een grote impact gehad op het leven van zijn vader en daarmee ook op Bas.
Het is juni 1966. Over een paar weken, 6 juli, wordt Henk Dellepoort (1956) tien jaar. In dezelfde maand is in Zevenaar een grote uitbraak van tbc. Henk blijkt besmet en wordt vlak voor zijn tiende verjaardag opgenomen in sanatorium Dekkerswald in Groesbeek. Dertien maanden later, Henk is dan al elf, mag hij weer naar huis.
Mevrouw Witjes uit Giesbeek vertelt over haar ervaringen als kleuterleidster in Giesbeek in de periode 1966-1998 en de veranderingen die ze daarbij heeft ervaren.
Henk Huuskes werd begin 1931 geboren. Zijn ouders waren al wat ouder en Henk bleef enig kind. Met nog drie andere gezinnen woonde het gezin van Henk op De Gemeint: gemeenschappelijke grond. In de jaren dertig was het crisis. Met bonnen van de steun kwam het gezin Huuskes aan blikken vlees en margarine. Maar ook elders in het dorp was de crisis merkbaar. Henk verhaalt over hoe hij deze tijd heeft ervaren.
Henk Huuskens (1931) groeide op in Giesbeek en maakte de Tweede Wereldoorlog van dichtbij mee. Behalve de gevechten en de evacuatie bracht de aanwezigheid van het Duitse leger Henk leuke momenten. Henk herinnert zich nog dat de Duitse soldaten snoep gaven en hem in de auto lieten zitten. Voor een jongen die opgroeide in het Giesbeek van de jaren dertig was dat een hele beleving.
Reeds in 1620 wordt er in een akte al melding gemaakt van “Stuivesand” en in 1678 van bewoning door de familie van Woldenburg en vervolgens in 1699 door de familie Schepman.In 1720 wordt de weduwe Bechers genoemd als eigenaresse en in 1749 als pachter de tabaksplanter Jan Gies, gevolgd door Jan Willem Polman en daarna Gijsbert Voortjes.
Vanaf 1865 werden er al pannen, drainagebuizen en bakstenen gebakken op dit terrein dat eigendom is van de familie Gepkens van boerderij “Stuivesand” aan de Slenterweg. Aanvankelijk had de familie Van Nispen tot Sevenaer hier een veldoven, maar het beheer lieten ze over aan hun zaakwaarnemer de Vree. Echter de feitelijke leiding beruste bij de steenbaas Doris Hubers en na diens dood, bij baas Willem Hageman. Op de steenoven werkten tien à vijftien arbeiders. 
Wat er precies gebeurd is bij het verdronken dorp Leuffen is een heel apart verhaal. Het verdrinken van Leuffen heeft te maken met allerlei dijkdoorbraken. De oude dijk bij Leuffen werd al vanaf de 12e eeuw na Christus aangelegd. Als de dijk niet hoog genoeg bleek, werd deze weer opgehoogd. Dat is heel vaak gebeurd. Maar soms brak de dijk toch door. Dan werd de dijk weer verlegd en kreeg de rivier meer ruimte. Daarom…
Lopend of wandelend door de Liemers is er van alles te zien dat herinnert aan vroeger. Maar er zijn ook veel verhalen aan het zicht onttrokken. Denk bijvoorbeeld aan het verdronken dorp Leuffen. Dit dorp heeft door de eeuwen heen steeds geworsteld met de dreiging van het water. Er zijn verschillende dijkdoorbraken geweest bij Leuffen, waardoor de dijk steeds versterkt of verplaatst moest worden. Na de dijkdoorbraak van 1799 besloten de inwoners van Leuffen om…