De evacuatie van Duiven, Westervoort en Zevenaar

reactiedatum najaar 1944
Foto van de evacuatiestroom door Nieuw-Dijk aan het eind van de Tweede Wereldoorlog. Lobithse vluchtelingen trekken door de Smallestraat in Nieuw-Dijk. Op de foto de families Van Burck en Naterop. Het meisje vooraan links is de 10-jarige  Ria van Burck (gehuwd Hoogveld) met naast haar haar broertje John. Achter haar staat haar moeder en de man met de hoed achter de met een zeil afgedekte kar, is haar vader. De bok wordt geleid door Theo Naterop, Harrie Natrop (14 jaar) is te zien naast de man met de fiets. Bijna verscholen achter de kar (je ziet alleen zijn hoofd) staat Jan Naterop toen 16 jaar oud. De families Van  Burck en Naterop waren buren en deelden 's -nachts een kelder omdat de geallieerden vanuit Kleef en Nijmegen op de Duitse stellingen bij Arnhem schoten. Vanwege het gevaar is de Liemers ten oosten van de spoorlijn Arnhem-Zevenaar geëvacueerd. De voettocht ging van Tolkamer  naar Herwen waar ze een paar dagen bleven. Van de familie Wijnker kregen ze een bok en een kar voor hun spullen. De enige die goed met het dier om kon gaan was Theo Naterop. Tijdens de tocht vanuit Herwen, via Nieuw-Dijk, naar Doetinchem was het heel erg koud. Volgens Harrie Naterop lag overal ijs. Uiteindelijk kwamen de families bij een familie in Westendorp bij Varsseveld terecht. De familie Van Burck verbleef daar bij de familie Lettink en Ria van Burck heeft goede herinneringen aan de tijd dat ze in Westendorp verbleef. (informatie uit de Gelderlander van 25 mei 2010 die de foto eerder dit jaar (april) publiceerde wat vervolgens deze reactie opriep Foto van de evacuatiestroom door Nieuw-Dijk aan het eind van de Tweede Wereldoorlog. Lobithse vluchtelingen trekken door de Smallestraat in Nieuw-Dijk. Op de foto de families Van Burck en Naterop. Het meisje vooraan links is de 10-jarige Ria van Burck (gehuwd Hoogveld) met naast haar haar broertje John. Achter haar staat haar moeder en de man met de hoed achter de met een zeil afgedekte kar, is haar vader. De bok wordt geleid door Theo Naterop, Harrie Natrop (14 jaar) is te zien naast de man met de fiets. Bijna verscholen achter de kar (je ziet alleen zijn hoofd) staat Jan Naterop toen 16 jaar oud. De families Van Burck en Naterop waren buren en deelden 's -nachts een kelder omdat de geallieerden vanuit Kleef en Nijmegen op de Duitse stellingen bij Arnhem schoten. Vanwege het gevaar is de Liemers ten oosten van de spoorlijn Arnhem-Zevenaar geĆ«vacueerd. De voettocht ging van Tolkamer naar Herwen waar ze een paar dagen bleven. Van de familie Wijnker kregen ze een bok en een kar voor hun spullen. De enige die goed met het dier om kon gaan was Theo Naterop. Tijdens de tocht vanuit Herwen, via Nieuw-Dijk, naar Doetinchem was het heel erg koud. Volgens Harrie Naterop lag overal ijs. Uiteindelijk kwamen de families bij een familie in Westendorp bij Varsseveld terecht. De familie Van Burck verbleef daar bij de familie Lettink en Ria van Burck heeft goede herinneringen aan de tijd dat ze in Westendorp verbleef. (informatie uit de Gelderlander van 25 mei 2010 die de foto eerder dit jaar (april) publiceerde wat vervolgens deze reactie opriep Liemers Museum

Op 17 september 1944 startte vanuit Engeland een grootschalige luchtlandingsoperatie, Operatie Market Garden. Het plan bestond uit twee delen, het luchtlandingsgedeelte, 'Market' en het grondoffensief, 'Garden'. De bedoeling was, dat de luchtlandingstroepen de bruggen over de grote Nederlandse rivieren, Maas, Waal en de Rijn, zouden veroveren waarna de grondtroepen snel zouden kunnen doorstoten naar het IJsselmeer.

Duiven

Het front kwam steeds dichter bij de Liemers. Er vonden regelmatig artillerie beschietingen vanuit de Betuwe plaats. Daarom was door Ortskommandant Hauptmann Riebenzam uit Zevenaar het bevel gegeven om Loo al op 27 september 1944 te evacueren. De meeste bewoners trokken naar Groessen, maar ook hier zouden ze maar kort kunnen blijven. Op 15 november kwam het gevreesde bericht binnen dat de dorpen geëvacueerd moesten worden. De bestemming was Steenwijk en dan waarschijnlijk Friesland. Een deel van de bevolking zag dat niet zitten en besloot op eigen gelegenheid onderdak te zoeken of bleef achter. De evacuatiecommissie besloot dat op zaterdagmorgen 18 november de evacuatie van Duiven en een gedeelte van Groessen moest plaatsvinden. Die zaterdagmorgen, in de stromende regen, bleek er niet genoeg vervoer aanwezig. Hoewel paard en wagen gevorderd waren bij de boeren, verschenen zij niet. De burgemeester van Zevenaar werd om hulp gevraagd en de volgende dag verliep de aftocht voorspoedig.

Via Wehl en Doetinchem

Het eerste doel was Wehl en vervolgens Doetinchem. Hier overnachtte men en kreeg men te horen dat hun evacuatieadres Varsseveld was geworden. De volgende dag werden de evacués per tram naar Varsseveld vervoerd. In Varsseveld werden meerdere gezinnen bij één evacuatieadres ondergebracht, omdat men er nog niet geheel op voorbereid was zoveel mensen onder te brengen. In het begin ontstonden er irritaties en klachten. Er werd een contactbureau opgericht en door herplaatsen van gezinnen werden de problemen snel opgelost. Een ander probleem was de voedselvoorziening. Er werden tochten georganiseerd om in Groessen de groenten te halen die daar waren achtergebleven. Alhoewel de Duitsers het bevel tot algehele evacuatie hadden gegeven, waren er toch verscheidene mensen op Duivens grondgebied achtergebleven.

Westervoort

In Westervoort werd op 14 november een bekendmaking van de evacuatie opgehangen bij het gemeentehuis. Hierin werd melding gemaakt dat de Dorpsstraat en het Kerkpad al op de 16de moesten vertrekken. Op 15 november om 5 uur in de ochtend arriveerde een lange colonne boerenwagens bij het viaduct in Westervoort. Er was niemand komen opdagen dus keerden de voerlui uit Didam en Zevenaar leeg huiswaarts. Dit was de volgens dag anders. Door hevig artillerie beschietingen wilden de mensen nu wel weg. Nu kwamen er echter te weinig wagens en ook nog te laat. Burgemeester Wiessing en politieman Niels regelden het vervoer en vertelden dat de reis naar Hengelo (Gld) en Keijenborg zou gaan. In Hengelo en Keijenborg hadden ze op de evacués gerekend. De bakker, de wethouder, de geestelijkheid en het Rode Kruis deden er alles aan om het zo goed mogelijk te laten verlopen. Het grootste deel van de bevolking was naar Hengelo en Keijenborg vertrokken, maar een deel van de gezinnen trok op eigen gelegenheid naar familie of bekenden.

Zevenaar

In Zevenaar kwam op 16 november ook het bericht van een evacuatie binnen. Burgemeester Borst en zijn medewerker Huijzendveld vertrokken samen met de Ortskommandant naar de Beauftragter des Reichskommissars für die Provinz Gelderland, Dr. Emil Schneider, om een evacuatie van Zevenaar te voorkomen. Eén van de argumenten van burgemeester Borst was dat het onwaarschijnlijk zou zijn dat het gebied rondom Zevenaar strijdgebied zou worden. De Rijn trad in de winter meestal buiten zijn oevers. Voor de geallieerden met hun gemotoriseerde troepen was dat een probleem. Daarnaast bracht hij naar voren dat de grond rondom Zevenaar gebruikt moest worden voor de voedselvoorziening. .Ze kregen het toen niet voor elkaar. Tegen drie uur die middag werd weer een vergadering belegd maar nu met de Ortskommandant. In de avond hadden ze het voor elkaar: de evacuatie van Zevenaar was van de baan. De volgende dagen kwamen wederom berichten naar buiten dat de evacuatie tóch zou doorgaan. Maar op dinsdag 21 november 1944 kwam eindelijk het verlossende woord: de evacuatie ging definitief niet door. Dat het gevaar van een evacuatie nog niet was geweken, bleek op 18 februari 1945. Weer moest Zevenaar geëvacueerd worden, maar opnieuw ging burgemeester Borst in vergadering met de Duitsers. Het resultaat van alle onderhandelingen was dat Oud-Zevenaar en Babberich moesten evacueren en dat de inwoners van de stad Zevenaar mochten blijven.

Bob Gerritsen
Liemers Museum

Tags:

Geef een reactie